| Naam schip | Eighen houtje |
| VKSJ nummer | V0924 |
| Type schip | kajeitzeilboot |
| Bouwwijze | gelijmd |
| Ontwerper | onbekend |
| Bouwer/werf | onbekend |
| Bouwjaar | 1934 |
| Romp vorm | rondspant |
| Vorm van de kiel | korte kiel, met midzwaard |
| Minumum diepgang | 1.15 m. |
| Maximum diepgang | 1.25 m. |
| Positie van het roer/td> | vast aan kiel |
| Lengte over stevens | 7.20m m. |
| Breedte op de huid | 2.00m m. |
| Materiaal romp | Anders |
| Materiaal opbouw | Anders |
| Materiaal mast | hout |
| Motor | buitenboord benzine |
| Waterverplaatsing | 1000 |
| Waarvan ballast | 0.00 |
| Ballastmateriaal | gietijzer |
| Kooktoestel | 1 |
| Thuishaven | Zwolle |
| Geschiedenis | BeschrijvingWe hebben voor de beoordeling diverse foto’s van het schip te weten: -schuin, van achter, van voor en van opzij op het droge -alsmede diverse foto’s in het water genomen. De boot kan met deze gegevens goed worden beoordeeld. Opgegeven is dat de Eighen Houtje ca. 1 ton weegt bij een waterlijn van ca 4,75 meter. De foto’s leren dat het een authentieke ogend jachtje betreft met een mooi gevormde rondspant romp, aangezette kiel met aangehangen roer. Eighen Houtje lijkt met lengte en breedte maten, haar onderwater profiel, achter overhang met spiegel en spitse voorsteven in eerste aanleg op een wat uit de kluiten gewassen Pampus. Daar is niets op tegen vinden wij. Als je op iets lijkt, kun je maar beter op iets moois lijken! De opbouw van de Eighen Houtje is typisch voor die tijd. De Voogt tekende een zelfde opbouw op zijn Ijsselmeerkruiser(s), zoals ook H.C.A. van Kampen tekende op zijn ontwerp Figaro II en ook op de 7,5m kruiser (nu lid onder de naam Duodecimo). De Eighen Houtje is karveel gebouwd, maar de huid is overtrokken met een laag polyester/glas. Dat vraagt zorgvuldig vochtmanagement binnen in het schip, want water dat er in komt, kan er dan niet uit. Het torentuig van de Eighen Houtje doet evenals de romp denken aan een Pampus. Het meet 16 m2, een voor die tijd zeer gebruikelijke (fiscaal bepaalde) waarde. Overigens werden deze scheepjes ook wel uitgerust met een gaffeltuig, dat – u raad het al – de maten van een 16m2 tuig kende. Als mechanische voorstuwing werd veelal gebruik gemaakt van een peddel of een vaarboom, dan wel een Seagull of Brittanic buitenboord motor. Vooral de laatste kon zeer weerbarstig zijn, maar dan was er de vaarboom nog. Nu hangt er een moderne buitenboordmotor aan. Die doet het natuurlijk altijd en dat is maar goed ook. Alleen is het verstandig om deze er ’s winters af te halen, omdat hij toch wel door weegt zo aan het achterste eind van het scheepje. Hoe zeilt zo’n kajuitjachtje van Nederlandse bodem uit de dertiger jaren van de vorige eeuw? Schrijver dezes heeft daar wel wat herinneringen aan. In de familie hadden wij een vergelijkbaar schip. Prima geschikt voor de Hollandse en Friese meren, ook wel bij hardere wind. Onder helling staat het water dan wel snel aan de (fraaie amandel- vormige) patrijspoorten en bij enige snelheid wordt het mooie smalle en geveegde kontje helemaal door het water getrokken, maar daar letten wij toen niet op. Als kinderen moesten we dan onder dek in de kajuit. Dan moedigden we onze vader aan met “schuiner, schuiner”. Wat een avontuur. Natuurlijk deed de Brittanic buitenboord het na zo’n doop niet helemaal goed meer. Maar ja, een kniesoor die daar op lette, behalve diegene die elke keer dat touwtje om het vliegwiel moest draaien en dan een stevige ruk moest geven. Als dan het resultaat niet meer was dan een snotterig “WOK WOK WOK” dan kon er ook wel eens een “knoopje” worden gelegd. Maar ja, dat speelde zich af in een tijd dat de jachthavens waren ingericht om zeilend te worden aangedaan, waar er ruimte was voor een opschieter naar de T-steiger, die bij alle windrichtingen haast bruikbaar was daarvoor. Het was de tijd van de kapok-zwemvesten, de katoenen zeilen, de lijnolie en het henneptouw, de teer en de brons-bottom. Dat is lang geleden. Kortom, Eighen Houtje geeft je een gevoel van weleer. Dat is mooi. Zeker bij de VKSJ. De toelatingscommissie van de VKSJ is blij met de komst van het Eighen Houtje, als getuige van de echte lang vervlogen Nederlandse watersportgeschiedenis. We zijn blij met de gelegenheid om in dat licht zo’n scheepje te plaatsen. De beoordeling en conclusie: Gelet op de leeftijd van Eighen Houtje is indeling in de Vintage klasse van de VKSJ gerechtvaardigd. Zij haalt het daaraan gekoppelde authenticiteitspercentage zonder meer. De bekleding van de romp doet daaraan niet af, evenals het deels vernieuwde voorschot van de kajuitopbouw en het opgelegde hechthout dek. De toelatingscommissie adviseert het VKSJ-bestuur dus positief m.b.t. de toelating van de Eighen Houtje. Wij feliciteren de eigenaar met dit voor de Nederlandse zeilsport exemplarische stuk geschiedenis. Tevens wensen we de eigenaar veel vaarplezier, al dan niet met de kreet “schuiner, schuiner” uit de kajuit, maar altijd een goede T-steiger om een het eind van de zeiltocht een opschieter naar te maken. |
| Rating | 0.88 |
| Rating spi | 0.91 |
| Lengte boegspriet | 0.00 |
| Snit voordriehoek | recht |
| Spinnaker | driekwart |
| Grootzeil voorlijk | 7,8 |
| Grootzeil onderlijk | |
| Grootzeil snit | recht |
| Grootzeil materiaal | dacron |
| Topzeil | 0.00 |
| Topzeil snit | recht |







